‘ Het is niet te genezen, wel te behandelen’
Met deze woorden begon er totaal onverwachts een nieuw hoofdstuk in mijn leven.
Ergens was dat nieuwe hoofdstuk in alle onzichtbaarheid al een tijdje aan het woekeren. Naast de lichtelijk fysieke klachten die ik elke keer snel naar het rijk der vrouwenklachten, stress en oververmoeidheidsklachten stuurde, voelde ik mentaal onbewust al even. 'Het klopt niet'. Om het vervolgens ook weer heel makkelijk te negeren. Heel af en toe haalde het mij in. Op zo'n moment benam een enorme angst mij de adem, en werd ik omgeven door een ijzige kille wind waar de haartjes op mijn arm van rechtop gingen staan, en kippenvel achterliet.
Maar wat doe je dan? Ik ging door, analyse, afleiding en op een bepaald moment was het weer weggerationaliseerd. De vakantie kwam, mijn reis ging verder en andere life-events vroegen om aandacht en waren een welkome afleiding.
Totdat het erg oncomfortabel werd en er verschillende onderzoeken binnen no time werden gepland.. vooral dat laatste onderzoek was een hel. Als oud verpleegkundige kende ik in het streekziekenhuis nog veel medewerkers, het blijft toch een soort familie. Overal praatjes soms leuk soms minder leuk wanneer een oud collega middenin een volle wachtkamer schalt: 'hey jij hier?; wat kom jij nou doen'. Uhm... 'Tsja, ik snap de vraag maar liever niet in een volle wachtkamer'(wat ik vervolgens natuurlijk niet hardop uit durfde te spreken). Ik lulde er een beetje omheen in alle latijns-medische termen die in mij opkwamen waarvan ik hoopte dat de andere wachtkamerbewoners ze niet zouden herkennen. Later had ik spijt dat ik (met al mijn lessen voor studenten en verpleegkundigen) niet had gezegd dat de vraag mij wat (lees verschrikkelijk) ongepast voorkwam.
Gelukkig overall hele fijne (oud) collega's en bij het laatste aller-vreselijkste, verschrikkelijkste onderzoek ontzettend lieve collega's. Ik twijfelde nog om alleen de morfine te nemen, 'dan kon ik gezellig met ze kletsen'. Onverwacht kwam er toen wel iets van tegenwoordigheid van geest mijn brein binnen druppelen.. want vanuit mijn tenen riep ik: 'doe ook de sedatie maar, spuit mij maar helemaal plat'.
Ondanks de sedatie voelde ik de verandering van sfeer, en ondanks dat ik flarden had meegekregen van wat de arts tegen mij zei, ik elke keer weer in slaap viel, en alles uitkotste nadien, voelde ik het. -Het is niet goed-.
Bijzonder is het hoe je dan toch jezelf telkens weer weet gerust te stellen, ondanks de onverklaarbare angst en ondefinieerbare somberheid.
Het telefoontje kwam op woensdagochtend:
'Wij willen u vandaag nog op de poli zien'.
En dan weet je het: 'dus toch..' Een vloek en een zegen is het digitale dossier waar je rechtstreeks toegang tot hebt. Samen met mijn partner aan de telefoon opende ik het dossier. De diagnose viel niet te missen.
Mantelcellymfoom
Dr. Google vertelde de rest; een vorm van lymfeklierkanker, Non-Hodgkin; stadium 4 zodra het in de organen zit...
Intussen nog twee SLB bijeenkomsten, een student moest de volgende dag diplomeren (ik had haar zes jaar lang in goede en ook slechte tijden begeleid, zo'n student wat je werk extra leuk maakt en die je met een grote glimlach van trots het werkveld instuurt). Een ander gesprek over een routewijziging wat al drie keer niet door was gegaan.. Verstand op nul.. en gaan.
Uiteindelijk werd het tijd en wij gingen naar het ziekenhuis. Toen werd het definitief...
Ik ben kankerpatiënt, voor de rest van mijn leven.
Vlagen herinner ik mij terwijl mijn brein eigenlijk stopte bij de woorden: ' het is niet te genezen, wel te behandelen (tot meerdere keren toe)'. Hemotoloog wordt hoofdbehandelaar ('u wordt op korte termijn gebeld voor een afspraak').
Er moest nog van alles.. lab, PETscan (u wordt gebeld). Lab kon bij godsgratie nog dezelfde dag maar wel met een speciale code. Terwijl ik stond te wachten onderwijl mijn partner het regelde met de assistente en de code, brak ik. Ik voelde alleen maar: ' ik wil weg'. De andere assistente achter de balie keek mij aan, vroeg of ik een glaasje water wilde. Zij had tranen in haar ogen.
Bij het lab: waar je een nummertje moet trekken voor de balie- vervolgens moet wachten-, uiteindelijk naar de balie mag-, je identiteitsbewijs moet laten zien- en weer moet wachten voor de prikkamer. Als je uiteindelijk de prikkamer hebt bereikt.. moet je weer je identiteitsbewijs laten zien.
Wie heeft bedacht dat dit een handig systeem was ?!...
Ik was natuurlijk zowel bij de balie en de prikkamer mijn identiteitsbewijs vergeten uit de tas te halen.. (ik was allang blij dat ik na dit nieuws dat mijn leven voorgoed zou veranderen nog kon lopen, ademhalen en praten).. dus kon ik tien keer die wachtkamer op en neer lopen. In de prikkamer probeerde ik er nog onderuit te komen.. ' ik heb net mijn ID bij je collega aan de balie laten zien'. Maar daar ging ze niet mee akkoord: ' ik moet natuurlijk wel weten dat ik de juiste persoon prik'. Ook goed...dacht ik. En dacht of zei het misschien zelfs hardop:
'Het is makkelijker om een Amerikaans land (zonder Esta) binnen te komen dan bloed te laten prikken'..
En mopperend ging ik weer mijn ID halen door de hele wachtkamer heen struikelend. De lab-medewerker zal wel gedacht hebben 'wat een gestoord wijf'. Er was in ieder geval nul empathie.. meer bij haar..
Maar goed zij wist natuurlijk ook niet dat ik zojuist op mijn 46e had gehoord dat ik een vorm van lymfeklierkanker heb. 'Niet te genezen, wel te behandelen'.


